Met enige regelmaat kunt u in de nieuwsmedia lezen dat een politie-inval heeft plaatsgevonden in een (bedrijfs)pand. In het bedrijfspand werd bijvoorbeeld een wietkwekerij aangetroffen of werden andere strafbare feiten gepleegd.

Vaak zal het pand als gevolg van de inval beschadigd raken; de deuren worden met geweld geopend, de pui van het pand moet er aan geloven, etc. Als eigenaar en verhuurder van een pand zit u dan met een (forse) schadepost.

De vraag is of u die schade kunt verhalen op de veroorzaker daarvan: de politie (of eigenlijk de Staat der Nederlanden).

Politie-inval drankengroothandel

Over een dergelijke kwestie heeft de Hoge Raad in oktober 2017 een belangrijke uitspraak gedaan. In die zaak had de eigenaar van een pand zijn bedrijfsruimte als drankengroothandel verhuurd. De politie viel op een bepaald moment het pand binnen en trof daar enkele honderden kilo’s heroïne aan. De heroïne bleek van de huurder van het pand te zijn. Als gevolg van de inval was de pui van pand beschadigd geraakt. De eigenaar wilde vergoeding van die schade van de Nederlandse Staat.

Eerdere uitspraak Hoge Raad

Eerder al heeft de Hoge Raad een uitspraak gedaan waarin hij uiteenzet wanneer  de schade aan een pand voor vergoeding in aanmerking komt:

  1. als er sprake is van rechtmatig overheidsoptreden[1] en,
  2. de schade buiten het normaal maatschappelijke risico valt en,
  3. als er geen sprake is van eigen schuld van de benadeelde.

Met name de laatste voorwaarde levert discussie op. De wet bepaalt namelijk dat de veroorzaker (in dit geval de politie) niet de volledige schade hoeft te vergoeden als schade het gevolg is van een omstandigheid die de benadeelde (in dit geval de verhuurder) kan worden toegerekend. Met andere woorden: als er sprake is van eigen schuld. Ook volgt uit de wet dat als de beschadigde zaak in handen is van een derde (in dit geval de huurder), de omstandigheden die aan deze derde toegerekend kunnen worden, vervolgens toegerekend kunnen worden aan de benadeelde.

Dit betekende concreet dat de aanwezigheid van heroïne een omstandigheid was die aan de huurder kon worden toegerekend. Die omstandigheid kwam vervolgens voor rekening van de verhuurder. Het gevolg was dat de verhuurder mogelijk niet zijn volledige schade vergoed zou krijgen. Aan die ongewenste situatie voor de verhuurder heeft de Hoge Raad met zijn recente uitspraak een einde gemaakt.

Recente uitspraak Hoge Raad

De Hoge Raad is van mening dat de wet buiten toepassing blijft wanneer de Staat op grond van rechtmatig strafvorderlijk optreden (lees: een politie-inval) aansprakelijk is voor schade aan zaken van een ander dan de verdachte. De Staat moet de schade aan een pand van de verhuurder vergoeden, ongeacht het verwijt dat de huurder kan worden gemaakt.

Let op!

Als de verhuurder zelf een verwijt kan worden gemaakt, heeft dit tot gevolg dat de schade alsnog voor een deel voor zijn rekening komt. Een verhuurder kan bijvoorbeeld een verwijt worden gemaakt van een politie-inval als hij onvoldoende onderzoek doet naar de kredietwaardigheid van een huurder, als hij genoegen neemt met contante betalingen van de huur, als hij genoegen neemt met een kopie van een buitenlands paspoort ter identificatie van de huurder etc.

Conclusie

Goed nieuws dus voor de verhuurder. Hij kan bij schade aan zijn pand zowel de huurder als de Staat aanspreken. Het ligt echter voor de hand dat hij de Staat aanspreekt. Als de Staat de schade moet vergoeden dan kan de Staat proberen om die schade te verhalen op de huurder.

Voor vragen over dit onderwerp of andere vastgoed gerelateerde kwesties kunt u contact met ons opnemen.

[1] Als er sprake is van onrechtmatig overheidsoptreden, de inval had niet mogen plaatsvinden, dan kan de Nederlandse Staat aansprakelijk worden gesteld op grond van onrechtmatig handelen.

Publicatiedatum: 6 februari

Vragen over dit artikel of dit onderwerp?